Bite

snappen
Als een tijdschrift of een krant met veel rumoer en poeha gaat restylen, kun je er donder op zeggen dat het slecht gaat. Dat adverteerders zich niet meer laten zien. Dat lezers weglopen. Dat de directie dreigt met saneren, ontslagrondes, in de etalage zetten en uitsluitend internet.  Dat de hoofdredacteur de koude tocht van de buitendeur al voelt. Dat de echt goeie mensen gaan solliciteren of ZZP-er worden (wat eigenlijk wel goed uitkomt want hun vertrek bespaart weer geld). Dat iedereen de noodzaak om de inhoud drastisch te verbeteren wel onderkent. Dat dat dan wel moet gebeuren met te weinig mensen en te weinig budget. Dat iedereen daar dan weer meteen de onmogelijkheid van inziet.

Er zit dus niets anders op om de onvermijdelijke Grafische Reddende Engel in te schakelen. De ontwerper. De vakidioot die carte blanche krijgt om het tijdschrift of de krant weer in het zwart te helpen voor het naar internet verbannen wordt. Hij (of zij) gaat dan  radicaal, streng en voorspelbaar aan de slag.. Natuurlijk zijn in de allereerste plaats, zoals bij elke restyling, nieuwe lettertypes absoluut noodzakelijk. (Geen lezer die ooit geklaagd heeft over de oude). Om inhoudelijke verbetering te suggereren wordt alles flink door elkaar gehusseld. Met als gevolg dat de al wat oudere abonnee twee weken in de war is. Romein wordt cursief. Cursief wordt romein.. Illustraties worden foto’s. Foto’s worden illustraties. Er verschijnt bij elke column een foto van de schrijver. Of als die er al was verdwijnt ie weer. Vette balkjes duiken her en der op.  Als iemand even niet oplet wordt het geheel op geinige wijze voorzien van zwarte en gekleurde vlakjes met daarop witte gekleurde of zwarte lettertjes. Hetgeen de leesbaarheid voor de al wat oudere abonnee niet ten goede komt.

Tegen beter weten in gaat de redactie er weer een beetje in geloven. Ze spreken over een nieuw jasje. Een fris gezicht. Het verleden achter je laten. Er vallen woorden als modern, verjongd en eigentijds. Begrippen die het bijkomende voordeel hebben dat het lozen van een aantal niet meer in deze tijd passende oudere medewerkers een stuk makkelijker wordt.  En op de marketingafdeling hoor je al de onontkoombare kreet: totaal vernieuwd.

Maar iedereen weet diep in het hart dat het niet werkt. De gedumpte klootzak krijgt z’n vriendin ook niet terug door alleen maar een Armani pak aan te trekken, z’n tattoo’s weg te laten laseren en een modieuze kapper te bezoeken. De zoutjes die in smaakbeleving achterblijven (dat is marketingjargon voor niet te vreten)  halen met alleen een nieuwe goudglanzende verpakking  geen puntje meer marktaandeel.  HP/ DeTijd en Vrij Nederland weten het ondertussen ook. Na jaren van wanhopig gepiel aan de vorm.

Dezer dagen hebben Nieuwe Revu en Het Parool zich een fris uiterlijk aangeschaft. Voor mij dus de bevestiging van de geruchten dat het met allebei niet goed gaat. Nieuwe Revu’s hoofdredacteur Marijn Schrijver rept in z’n openingspraatje enigszins plichtmatig over art director Manolito, die wekenlang idioot hard gewerkt heeft aan het nieuwe jasje, dat u  hopelijk net zo kunt waarderen als wij.. Hij sluit z’n peptalkje af met: Nieuwe Revu wordt het helemaal in 2016. Jump on the bandwagon! Plichtmatig, is het woord dat ook past op de restyling die nauwelijks een restyling mag heten. Het heeft de uitstraling van laten we het in godsnaam nog maar een keer proberen. Je  moet heel goed opletten wil je de veranderingen zien. De titel van het blad staat nu op de voorkant in een vet rood balkje. De twee columnisten Ozcan Akyol en Leon Verdonschot zijn niet langer geïllustreerd maar gefotografeerd en bevinden zich op een nieuw beige ondergrondje. Voor de rest moet je er een oud nummer naast leggen om te ontdekken waar Manolito wekenlang zo idioot hard aan gewerkt heeft. En trouwens de nieuwkomers, de wat oubollige niet zo heel leuke cartoonist Ruben L Oppenheimer (Wij willen Gummbah terug!  Wij willen Gummbah terug!) en mevrouw Marith Ledema, die ons gaat bijspijkeren over seks en lifestyle lijken mij beiden toch meer vorige eeuw dan 2016.

Ik blijf, met of zonder restyling, Nieuwe Revu toch een aardig blad vinden .Een blad dat toen ik nog forens was op woensdagavond precies het traject Amsterdam-Hoorn vulde. Nu, in  de hoofdstad wonend, ben ik het elke week blijven kopen. En als ik het wil lezen spring ik niet meer in de trein, maar  gewoon, op de bandwagon.

Bij Het Parool hebben ze scherp op het budget gelet door een Poolse ontwerper in de arm te nemen voor de restyling.  Waardoor er blijkbaar genoeg geld overbleef voor een vrij omvangrijke wervingscampagne voor zoals ze het zelf noemen De nieuwe krant. Hoe die nieuwe krant gezien, gelezen en bewonderd dient te worden legt hoofdredacteur Ronald Ockhuysen trots aan ons uit op een dubbele pagina in het eerste nieuwe krantennummer. Naast zijn betoog komt ook ontwerper Jacek Utco nog even aan het woord. Hij hoopt dat de rijkdom en diversiteit aan cultuur van Amsterdam waar alles met de fiets bereikbaar is, zich in de vormgeving reflecteert. En hij vertelt ons ook dat het nieuwe lettertype voor de kopregels net iets meer bite heeft dan de nieuwe broodtekst letter. Maar je ziet, zelfs zonder uitleg, hier wel meteen dat de krant veranderd is. Vette titel. Vette kopregels. Vette balkjes. Theodor Holman krijgt een (ietwat lullig) portret.  Z’n eigen vette balkje.  En is afgedrukt op een zalmkleurig fondje.

Het ziet er allemaal niet onaardig uit.  Maar om dat nu te gaan betitelen als De nieuwe krant en om in je lichtelijk megalomane reclamecampagne te komen met de kreet: Geboren in 1941. Herboren in 2016  (alsof ze nu pas dat gestencilde verzetskrantje gerestyled hebben)  gaat toch echt te ver. Het blijft tenslotte een aardige nieuwe verpakking om de zo goed als onveranderde inhoud. Ik ben abonnee van Het Parool. Voor mij is het een bijna onmisbare krant. En god verhoede dat dit wanhoopsoffensief het begin van het einde is. Die hele restyling was wat mij betreft niet nodig geweest. Ze hebben mij nooit tegen m’n vrouw horen zeggen; “Als ze nu niet snel met kopregels komen die meer bite hebben dan de broodtekst, zeg ik die krant op” Ik had persoonlijk liever gehad als ze, in plaats van al die hoempapa, Windig en De Jong met hun Heinz weer teruggehaald hadden.

F. Pels.